Zoekformulier

Ochtendrokers vaker kanker

Rokers die hun eerste sigaret bijna direct na het ontwaken opsteken hebben een verhoogd risico op het ontwikkelen van long, nek en hoofdkanker. Dat blijkt uit nieuw onderzoek.

Het roken van sigaretten gaat gepaard met een verhoogd risico op verschillende soorten kanker. Waarom de ene roker wel kanker ontwikkelt en de andere niet, is echter onbekend.
Onderzoekers van het Penn State College of Medicine bestudeerden de invloed van de afhankelijkheid van nicotine. Hoe eerder iemand een sigaret opsteekt 's morgens vroeg, des te afhankelijker diegene is van nicotine.
Onderzoek
Het onderzoek bestond uit twee delen: aan analyse naar het effect bij longkankerpatiënten en een analyse naar het effect bij hoofd- en nekkanker. Het longkankeronderzoek omvatte 4.775 longkankerpatiënten en 2.835 controlemensen, allemaal rokers.
In vergelijking met de individuen die pas een uur of langer na het ontwaken een sigaret opstaken, ontwikkelden de deelnemers die 31 tot 60 minuten na het ontwaken rookten 1,31 keer zo vaak longkanker. Bij de rokers die binnen het half uur hun eerste sigaret opstaken was dit zelfs 1,79 keer zo vaak.
Dezelfde resultaten vonden de onderzoekers bij de studie naar hoofd- en nekkanker. Hieraan deden 1055 kankerpatiënten en 795 controlemensen mee. Het verhoogde risico voor hoofd- en nekkanker was iets lager dan bij longkanker: 1,42 bij roken na 31 tot 60 minuten na ontwaken en 1,59 bij roken binnen het half uur.
Verslaving
"Hoe eerder iemand rookt, des te verslaafder hij is. Daarbij heeft iemand dan meer nicotine en mogelijk andere giftige stoffen in het lichaam.", legt onderzoeker Joshua Muscat uit. "We hebben waarschijnlijk te maken met een combinatie van genetische en persoonlijke factoren die een hogere afhankelijkheid van nicotine veroorzaken."
Volgens de onderzoekers vormen de ochtendrokers een hoog risicogroep voor kanker. Speciaal voor hen ontwikkelde interventie zouden helpen om ook deze extreem verslaafden van het roken af te helpen.
Datum: 8 augustus 2011
Bron: www.gezondheidsnet.nl

Lees meer artikelen